06/08/22 Dag 15: Prineville – Crater Lake

Gisteravond waren we toch weer bij Dillon’s beland. Het was nu wel erg druk. Na een kwartiertje konden we aan tafel. We namen hetzelfde recept, met het verschil dat we op een tv konden meegenieten van het ‘wk airguitar’. Wat een weirdo’s zeg, haha!
Zeker weer lekker gegeten. Hierna lopen we nog een stukje door Prineville om wat foto’s te maken. Tis een leuk stadje.

Vanochtend hadden we de wekker op half 8 gezet. We wilden namelijk op tijd vertrekken naar Crater Lake. Het ontbijtzaaltje zat nu helemaal vol, dus gingen we in de lobby zitten.
Om kwart voor 9 rijden we weg uit Prineville. We komen onder andere langs de plaatsjes Redmond en Bend. Vlak voordat het national park inrijden houden we pauze bij een rest area.
Al om 12 uur staan we voor het huisje van de noordelijke ingang van het park. Dat ging snel, dat hadden we niet verwacht. Na het tonen van de ‘America the beautiful-pas’ kunnen we door. De pas hebben we er nu net uitgehaald.

Bij de eerste stop zien we Crater Lake. Een prachtig blauw meer! Crater Lake is een vulkaan die al ontstond zo’n 400.000 jaar geleden. 7.700 jaar geleden barstte hij enorm uit, waardoor de krater helemaal instortte. Het diepe gat (592 m)vulde zich met sneeuw en water, en het meer is nu het resultaat. In het midden ligt Wizard Island, dit is ook een vulkaan die later is ontstaan. Tot zover de feiten.
We rijden verder langs mooie viewpoints. De spiegeling van de bergen in het blauwe water is super om te zien. Er zitten hier trouwens veel chipmunks. Ik vind ze erg schattig om te zien.


We zien verderop, bij Sun Notch-point nog meer wildlife. Er lopen 2 herten langs de rand van de krater. Ze laten ons erg dichtbij komen, soms zelfs maar zo’n 5 meter afstand! Deze herten zijn duidelijk gewend aan mensen. Het maakt wel mooie foto’s. Bij dit punt kun je ook het Phantom Ship zien liggen, een grote rots die uit het water steekt.

Na al dit moois rijden we naar Mazama Lodge. Onze cabin, eigenlijk gewoon een kamer in een gebouwtje, is pas om 4 uur klaar. We kijken dan alvast maar bij Annie Creek, het enige restaurantje hier. Het zal wel pizza worden.

05/08/22 Dag 14: Prineville

Om 8 uur loopt onze wekker af. We doen het rustig aan en gaan eerst ontbijten in het hotel. Dit ziet er weer goed uit hier. Er is van alles te krijgen, zelfs allerlei voorverpakte koeken en granenrepen die je in een tasje mee kunt nemen. Ik neem hier ook pannenkoekjes gevuld met appel. Echt lekker.
Om kwart voor 10 rijden we richting de Painted Hills. Dit is onderdeel van John Day Fossil Beds National Monument. Het is een uurtje rijden. Onderweg heeft er nog een konijntje geluk gehad, we konden hem net ontwijken. Om kwart voor 11 zijn we er al. Het is er rustig, weinig mensen nog.
We stoppen bij alle viewpoints en lopen telkens de korte trails die hier zijn. We hebben eigenlijk geen zin om lang te wandelen in de volle zon.
De heuvels hier hebben mooie kleuren! Een prachtig gezicht. We gaan hier wel zo’n dikke 30 miljoen jaar terug in de tijd. De verschillende lagen zijn het resultaat van oude vergane oerbossen.
Het is er zo rustig dat we soms de enigen zijn die hier lopen. Rustgevend hoor, alleen het geluid van de wind en af en toe een verdwaalde sprinkhaan die zich laat horen.

Wanneer we alles gezien hebben, rijden we door naar het dorpje Mitchell, dat is maar
5 km verderop. Er zijn een paar winkeltjes en een bar met terras. Hier gaan we even een lekker koude cola drinken.
Daarna rijden we dezelfde weg terug naar Prineville. Het is nog best vroeg op de middag dus we gaan even picknicken bij een RV park. We hebben een leuke picknicktafel gevonden en eten onze broodjes. Maar dan komt er een grote camper aan. Het blijkt dat wij op zijn plekje staan. Toen maar een andere tafel opgezocht. We lopen nog even naar Lake Ochoko. Dat ligt achter het RV park. Er zitten veel vogels. En wat blijkt achteraf? Die grote groep witte vogels aan de overkant zijn grote witte pelikanen. En wie zit ernaast? Juist, weer een American Eagle! Tjonge, dat zie ik dus achteraf na het inzoomen op de laptop.

Rond kwart voor 4 zijn we weer terug bij ons hotel. Nu even niksen op de kamer en misschien straks terug naar Dillon’s, want daar hadden we lekker gegeten.

04/08/22 Dag 13: The Dalles – Prineville

Vanmorgen zaten we rond half 9 aan het ontbijt. Dit was hier ook goed, met cinnabons en omeletten bijvoorbeeld. Nadat we nog even gebeld hadden met het thuisfront gingen we weer op weg. Vandaag naar Prineville. We besloten om een andere weg te pakken dan we aanvankelijk hadden gepland. Het nieuwe idee was om binnendoor te rijden, en dat was een goede keuze! We rijden steeds langs plaatsen van de ‘Oregon Trail’ en proberen ons voor te stellen hoe de settlers hier vroeger reden met hun paard en wagen. Dat valt niet mee.
De route blijkt een scenic route te zijn: ‘journey thru time’. We kwamen langs glooiende graanvelden, zo ver als je kon kijken. Later veranderde het uitzicht in dorre grasvelden. Er staan ook hier en daar wat gehuchtjes langs de route, zoals Grass Valley. Hier zien we een oud kerkje, oude Fords uit de jaren zestig en opeens ook een paar herten die spontaan de weg overstaken.

Verderop zien we steeds de bergen van de Cascade Mountains. We kunnen er 4 tegelijk zien. Ze staan netjes op een rij. We stoppen en staan een tijdje na te denken hoe deze 4 besneeuwde toppen heten. Met de Rand Mc Nally en Google Maps lijken we er wel uit te zijn. Een stukje verderop stoppen we nog een keer en dan bij de ‘mountain identifier’. Nou, dat is handig, kunnen we zien om welke bergen het gaat! We hadden het toch goed opgezocht. Het zijn: Mt Jefferson, Mt Hood, Mt Adams, en heel ver weg nog Mt Rainier. Bijzonder!

De laatste stop wordt het spookstadje Shaniko. Er wonen ook nog mensen, dus het is niet helemaal een ghosttown. Alhoewel de gemiddelde leeftijd hier wel hoog ligt. In dit stadje kun je overal rondlopen en foto’s maken. Niet alles is even oud, maar er staan bv. een schuur vol met oude auto’s en koetsen, een hotel uit het jaar 1910 en wat houten gebouwtjes. Wel leuk om te zien. We raken aan de praat met een dame die hier woont. Zij vertelt dat in de hoogtijdagen van Shaniko er veel wol werd verhandeld. Het stadje stond hier om bekend. Er waren ontzettend veel schapen hier. Sinds 1900 lag Shaniko aan de railroad en zo werden de schapen en wol vervoerd.

Wanneer we om half 3 in Prineville aankomen, gaan we eerst een paar wasjes draaien. Dat is onderhand wel nodig. Als de was draait bij de Coin Laundry , halen we even een milkshake bij de Mac. Daarna het nodige nog in de droger en we kunnen er weer tegen. Terug bij de Country Inn & Suites by Radisson proberen we het binnenzwembad uit. Het ziet er allemaal mooi uit, helaas is de pool te koud, en de hottub te heet.

’s Avonds rijden we naar Dillon’s Grill. Hier hangt een gezellige cowboysfeer, alles is van hout en het is er ook druk. Corné neemt de steak en ik de bacon and cheeseburger. Het brood met kruidenboter is heerlijk!

03/08/22 Dag 12: Portland – The Dalles

Vanmorgen waren we al om half 8 wakker. Gelukkig dus op tijd voor het ontbijt. En ja hoor, nog voldoende scrambled eggs om aan de behoefte te voldoen. Na het uitchecken zien we op de parkeerplaats een hoop glasscherven liggen. Er is dus vannacht een auto opengebroken. Jeetje, wat een toestand hier.
We vertrekken om kwart over 9 richting Columbia River Gorge National Scenic Area. Een hele mond vol voor een prachtige route langs de Columbia River. We stoppen eerst bij het Vista House. Dit paviljoen staat op een mooi uitzichtpunt. Het staat er al vanaf 1918, en is gebouwd voor bezoekers die op doorreis waren. Eigenlijk zou er ook nog een hotel bij gebouwd worden, maar het geld was op. Vanaf hier hebben we al een mooie view op de rivier. Wel apart dat we neerkijken op dezelfde rivier die Lewis en Clark in 1805 als eerste pioniers hebben afgevaren. Na hun zijn nog velen hen achterna gegaan. We volgen namelijk een stuk van de Oregon Trail.
We doen het rustig aan, want tegenwoordig heb je een permit nodig voor de Columbia River Gorge, omdat het er anders veel te druk wordt. Wij kunnen er in vanaf 12 uur.
Nog tijd genoeg, dus we stoppen wat later bij Latourell Falls. Dit is de eerste waterval die we zien. Dit gebied heet nl de Waterfall Corridor. Er volgen er nog meer.

Hierna door naar het gebied waarvoor we de permit nodig hebben. Deze hadden we thuis al geregeld. We stoppen bij Wahkeena Falls en Horsetail Falls. De watervallen zijn goed te zien. Bij de laatste smeren we de broodjes ham-kaas en pindakaas en gaan we even lunchen onder aan de Falls.
Om 2 uur hebben we gereserveerd bij de Multnomah Falls, de grootste en populairste waterval in dit gebied. Ook hier de permit weer bij de hand, maar nu hoeven we niets te laten zien. Het is overal wel druk, dus telkens is het zoeken naar een parkeerplaatsje. We snappen wel dat ze de drukte willen reguleren hier.
We lopen het eerste stukje omhoog naar de bekende stenen brug. Vanaf hier heb je naar boven en beneden een mooi uitzicht op de waterval. Echt hoog istie. We besluiten om hierna toch de mile omhoog te lopen naar Multnomah Falls Upper Viewpoint. Het is een flinke klim omhoog, met 11 switchbacks! Het is warm en zweten geblazen, maar gelukkig lopen we ook telkens gedeelten in de schaduw. Het is zeker de moeite waard! Eenmaal boven aangekomen kijk je op de top van de waterval. En hier kunnen de voetjes in het water. Dat koelt lekker af!
Naar beneden gaat stukken vlotter en na zo’n anderhalf uur staan we weer bij de auto. Natuurlijk hebben we magneetjes en een pin gekocht.

Nu dan door naar the Dalles, dat is nog minder dan een uur rijden. Onderweg komen we een grote stuwdam tegen. Toch maar even van de weg af om te gaan kijken. Het is de Bonneville Lock and Dam. Er is een klein visitor center met uitkijkpunt. We zien trouwens bovenop de elektriciteitsmasten het nest van een paar ‘ospreys’. Deze visarenden zitten op een prima strategisch punt om vis te vangen.
Rond half 6 komen we aan bij het Holiday Inn Express Hotel. Dit is een mooi hotel, het ziet er vrij nieuw uit allemaal. We gaan even douchen en daarna meteen wat eten, want we zijn best moe na dat tripje naar boven. We gaan eens kijken bij Burgerville, een soort Mc Donald’s. Wanneer we binnen zijn, noemt de gast achter de counter eerst op wat ze allemaal niet meer hebben. O, nou, dat schiet niet echt op. Er blijft niet veel meer over om te bestellen, dus we gaan weer. Dan toch maar naar de echte Mac.
Na het eten lopen we de Safeway binnen voor een paar boodschappen. Dan nu toch echt uitrusten op de kamer. Wel balen dat de tv tijdelijk geen signaal heeft, probleem van het hele hotel hier. Kunnen we mooi op de laptop B&B vol liefde terugkijken, zo blijven we toch een beetje op de hoogte van de laatste roddels uit Nederland.

02/08/22 Dag 11: Portland

Het ontbijt in dit hotel bleek maar tot 9 uur te zijn. En stipt 9 uur staan we in de ontbijtruimte. Wij dachten al, wat is het hier rustig…. Bijna alles weer op. Heel jammer voor Corné, maar geen ‘aikes’ deze morgen. Morgen dus maar wat eerder die kant op.
Vandaag rijden we als eerste naar de Woodburn Premium Outlets. Dit is een half uurtje rijden. Het is een hele grote outlet. In de Tommy Hilfiger store is het goed shoppen. We gaan met een volle tas naar buiten, met onder andere wat dingen voor Stijn. Corné vindt nog 2 shirtjes bij Calvin Klein en ik scoor nog een Levi’s shorts voor 2 tientjes. Kijk, daar houd ik van! We drinken en eten wat bij Starbucks en niet veel later rijden we terug naar Portland.


De volgende stop is Washington Park. Na een stuk snelweg en een slingerweg omhoog komen we daar aan. Het is een groot park, meer een bos eigenlijk. We gaan naar de Rose Garden. Een mooie rozentuin die hier al zit vanaf 1917. Er staan meer dan 600 verschillende soorten en bij elkaar meer dan 8.000 rozen. Dat ruikt heerlijk! Er zijn nog meer tuinen en ook een paar memorials. Wij gaan echter nog even een stukje hoger de berg op, naar de Pittock Mansion. Dit huis stamt uit 1914 en was voor die tijd van alle gemakken voorzien, zoals bv. stroom, telefoon en centrale verwarming. De eerste bewoners waren via de Oregon Trail hier naartoe gekomen. Vanaf hier heb je een mooi uitzicht over Portland met op de achtergrond Mount Hood.


We rijden nu terug naar het centrum om nog een keer bij Everyday Music te zoeken naar een paar elpees voor Timo. Missie geslaagd zullen we maar zeggen.
We zijn van de korte stops vandaag. De volgende is Mills End Park. Stelt niets voor, want dit is het kleinste parkje ter wereld, zo wordt tenminste beweerd. Effe een fotootje en weer door. We zetten de auto een stukje verder, vlakbij het water. We willen de verschillende bruggen over de Columbia River eens wat beter zien en dat kan hier goed. Hier staat ook de brug uit ‘Wie is de Mol?’.
Overigens zitten we nu wel in een andere buurt dan gisteren. Dit is de zakenbuurt. Het aantal zwervers is hier een stuk minder.
Als we naar de tijd kijken, blijkt het al 5 uur te zijn. Dan maar in één keer door naar Denny’s in plaats van ons hotel. Eens kijken of de vaatwasser gemaakt is. Het duurt wel even, want het is spits. Kunnen we op ons gemak kijken naar alle ‘mini-campings’ langs de snelweg. Het blijft een bizar gezicht.

En ja, we hebben geluk, Denny’s is gewoon open. We bestellen een skillet en steak. Erg lekker. De waitress ziet ons wat naar buiten kijken en zegt: ‘weird people out there’. We hebben een klein gesprekje over dat we zo weinig politie zien in de stad. Zij beaamt dit, en zegt dat er gekort is op de politie. De stad is niet meer wat het geweest is sinds de rellen, en dat ze vindt ze heel erg. Sindsdien is het mooie Portland veranderd in een stad met zwervers, verslaafden, lege winkels en dichtgetimmerde gebouwen. Ze hoopt dan ook dat Trump over 2 jaar weer gekozen gaat worden. Hij doet wat hij zegt, volgens haar. Met Biden heeft ze niet zo veel op. Maar of the Donald het ook allemaal op kan lossen hier? Wij knikken maar wat en praten een beetje mee.
Na het eten gaan we terug naar het Best Western, het is nu een uur of 8. Mooie tijd om te relaxen.

01/08/22 Dag 10: Packwood – Portland

In de Crest Trail Lodge is het nogal gehorig. Dus deze ochtend hoorden we al vroeg allerlei mensen lopen en praten. We kunnen gelukkig nog wat slapen en om 9 uur gaan we ontbijten. Het meeste was al op. Corné moest nog vragen of ze toast bij konden vullen. Een matig ontbijtje dus. We vertrokken om kwart voor 10 naar Portland. De rit verloopt voorspoedig en om half 1 staan we voor de deur van het Best Western Inn at the Meadows. Onze kamer is al klaar, dat is fijn. We besluiten om maar meteen Portland in te gaan. Corné heeft een parkeerplaats gevonden vlakbij Chinatown. Onderweg naar het centrum valt het wel op dat overal tentjes staan van daklozen: langs de weg, onder bruggen, op het gras langs de straat. Er is veel afval langs de weg. Dat is een andere wereld hier.
Ook bij de parkeerplaats aangekomen moeten we even wennen aan alle zwervers en verslaafden.
Met een plattegrond en Google Maps proberen we het Pearl District te vinden. Hier zit een supergrote boekwinkel van een paar verdiepingen: Powell’s Books. We maken binnen een klein rondje. Het is een mooie winkel, zoveel boeken dat je niet weet waar je moet beginnen met zoeken. Ook gaan we nog recordstores binnen, we zoeken elpees voor Timo, maar die ene hebben ze niet.

Inmiddels loopt de temperatuur weer op. We gaan even wat eten bij Cheryl’s. Lekkere koffie en cappuccino met een mega cinnabon. Die laatste delen we met zijn tweeën. Hierna lopen we richting Oldtown. Overal staan oude rode bakstenen gebouwen. En ook overal weer mensen die flink de weg kwijt zijn, figuurlijk dan. We willen oversteken en zien aan de overkant een man met een honkbalknuppel staan. Hmmm, toch maar een andere straat in. Bij een kruispunt steken we over en daar loopt een vrouw zwalkend achter ons. Jeetje, zo erg was het in New York niet eens.
Veel winkels staan leeg, of zijn dichtgetimmerd. Er is veel graffiti en rotzooi overal. Het heeft toch vooral te maken met de rellen en demonstraties van de afgelopen paar jaar, zoals die van Black Lives Matter. Op zich voelen we ons prima op ons gemak, iedereen laat je wel met rust. Maar zo valt Portland toch wat tegen.
We komen verschillende grote muurschilderingen tegen, die erg mooi zijn. Bij de Columbia River zien we de verschillende bruggen van Portland. Daar rusten we even uit op een bankje.
Na deze flinke stadswandeling gaan we terug naar de parkeerplaats. De auto staat er nog. In het hokje op de parkeerplaats zit wel een kogelgat….

Om een uur of 5 zijn we bij het hotel. We rijden nog even langs de Walmart, die hier om de hoek zit. ‘Gauw’ een paar boodschapjes doen. Nou, dat valt niet mee, wanneer de dame voor ons de halve Walmart leeg wil jatten. Allerlei vlees in haar karretje was ze ‘vergeten’ of te rekenen. De kassière vertrekt geen spier en laadt alles weer uit. Ook het afrekenen duurt lang. Wanneer wij eindelijk aan de beurt zijn, begint ze eerst een gesprekje over alles wat gestolen wordt in de Walmart. Oké, dit was toch geen kletskassa? Al met al duurde het nogal lang. Eerst maar eens uitrusten en douchen.
’s Avonds rijden we naar Hayden Island, hier zitten veel restaurantjes. Na even dubben gaan we naar Denny’s. We lopen naar binnen, en kunnen meteen weer naar buiten: sorry, de vaatwasser is kapot. Oké, vreemd maar kan gebeuren. Dan naar Cracker Barrel. Deze bleek al om 6 uur gesloten. Tja, waar dan heen als je niet naar McDonald’s wil gaan. Uiteindelijk wordt het BJ’s. Hier hebben we erg lekker gegeten met chicken Alfredo voor mij, en steak en kip voor Corné.

31/07/22 Dag 9: Packwood

Vanochtend hebben we rond half 9 ontbeten in het hotel. Om 9 uur gingen we op weg naar ons tweede National Park, Mount Rainier. De dame van de receptie gaf ons de tip om via een rustigere weg te rijden naar Paradise. Dit zou een ‘shortcut’ moeten zijn. Nou, deze shortcut duurde alles bij elkaar toch anderhalf uur. De route was wel erg mooi. We reden door de bossen, en zagen al regelmatig Mount Rainier tevoorschijn komen. Om kwart voor 10 kwamen we aan bij de parking van het visitor center. Het was er al behoorlijk druk, gelukkig hadden we nog net een plekje. Op deze parkeerplaats zagen we ook de 2 Nederlanders van wie ik hun blog volg. Dat is wel heel toevallig, zij slapen ook in de Crest Trail Lodge. We hebben even praatje gemaakt over onze reizen. Zij hadden al een grote wandeling achter de rug. Wij mogen nog, maar een ronde van 10km zijn we niet van plan.
We besluiten om te wandelen naar Myrtle Falls en een stuk van de Skyline Trail te doen. Tis al weer flink warm. Maar de omgeving is prachtig. Je hebt een mooi uitzicht op Mount Rainier met zijn gletsjers en ijs. Deze berg is een vulkaan, en hoort bij de Cascade Mountains, waar ook o.a. Mount Olympus en Mount St. Helens bij horen. Deze laatste was in 1980 helemaal uitgebarsten.
We lopen een mooie route over de bergweiden met riviertjes, watervallen en ijs. Dat ijs verkoelt lekker, dat hebben we wel nodig! We stoppen regelmatig in de schaduw om wat te eten en drinken, of om uit te puffen. Op één zo’n plekje wordt Corné nog vrienden met een ‘blue jay’. Scheelt ook wel dat hij een stukje brood gevoerd krijgt.
Uiteindelijk lopen we dezelfde weg terug. Rond half 2 zijn we terug op de parkeerplaats. We kijken nog even rond in de shop van de Paradise Inn en hierna gaan we terug. Dit keer via de andere, langere route. Mount Rainier was echt prachtig!

Rond 3 uur zijn we weer in Packwood. Op ‘terras’ bij de Packwood Brewery Company. Lekker aan een koud biertje en een koude diet coke en een schaal met nacho’s om bij te komen. Hier hebben we zo’n anderhalf uur gezeten. Dit was trouwens de eerste Coca-Cola die ik op heb in Pepsiland. Coke Zero is in deze hoek van Washington niet te krijgen. We gaan terug naar de kamer om lekker te douchen en te relaxen.

Voor vanavond hadden we een ander restaurantje in gedachten, maar die bleek dicht. Dan maar terug naar ons tentje van vanmiddag. Oké, daar was de keuken al gesloten. Tja, dan toch op herhaling naar de Blue Spruce Saloon. De keuze is hier niet reuze. Na het eten wil ik kijken of er nog wat herten te spotten zijn. En ja hoor, hier en daar lopen ze rond. Na deze fotosessie zijn we om 9 uur bij het hotel.

30/07/22 Dag 8: Forks – Packwood

Deze ochtend was het tijd om alles weer in te pakken, even snel te ontbijten en op weg te gaan naar Packwood. Het wordt een flinke rit vandaag. Om 9 uur zijn we op weg. Het eerste stuk van de route is weer langs de kust. Die zien we overigens niet echt, want het is weer erg mistig. De temperatuur is gezakt naar zo’n 12 graden.
We stoppen bij Lake Quinault, ook weer Indian Reservation. Bij dit meer kijken we even rond. Het hotel hier, Quinault Lodge, had zo de locatie kunnen zijn voor Dirty Dancing. Er worden zelfs spelletjes op het grasveld gespeeld, nou ja zeg. Na dit mooie plekje rijden we verder. Onderweg moeten we een keer tanken en pikken we nog een milkshake van de Mac op. We zoeken eigenlijk een leuk plekje om even wat te lunchen, maar we komen niet echt picknickplaatsen tegen. Dan toch maar even de weg af. Dat doen we bij Mossyrock. Dat is een klein typisch Amerikaans dorpje. We zoeken een grote boom op om even in de schaduw te kunnen staan. De temperatuur is opgelopen tot dik boven de 30 graden.

Vanaf Mossyrock is het nog een uurtje naar Packwood. Onderweg zien we veel kerstboomkwekerijen. Hier staan echt de perfecte modelletjes tussen.
Uiteindelijk zijn we om 3 uur bij de Crest Trail Lodge. Dit hotel staat nog net buiten Packwood. Er zit hier verder niets. Overigens zijn we vanmorgen vertrokken met 18 graden, en nu is het 38 graden! Eerst maar even rustig aan doen.

’s Avonds gaan we in het dorp kijken of we een leuk restaurantje kunnen vinden. Het wordt de Blue Spruce Saloon. Het is echt een bruine kroeg met veel hout, harde muziek en bier. Corné neemt de steak en ik neem een soort van hamburger. Alles smaakt prima.
Na het eten rijden we nog even door Packwood. Dit dorpje is eigenlijk maar 1 straat. We zien een aantal ‘elks’ door de tuinen lopen en op de grasvelden liggen. Leuk om te zien.

29/07/22 Dag 7: Forks

De dag begint mistig. Ik ben tegen acht uur wakker, Corné al eerder. Hij gaat koffie halen bij de lobby. Ik moet echt nog even wakker worden. We eten de laatste twee broodjes. Het blijkt dat we allebei wat muggenbulten rijker zijn na gisteren. Straks maar op tijd sprayen.
Na het ontbijtje vertrokken we om 9 uur naar het Hoh Rain Forest. Dit regenwoud staat bekend om al het mos dat aan de bomen hangt. Het is ook een onderdeel van Olympic National Park. Onderweg zien we twee elks. Zouden dat dezelfde zijn die we gisteravond ook op deze hoogte zagen lopen?

Om kwart voor 10 zijn we bij de ingang van het park. Hier staan we dus stil, want blijkbaar is het 1 auto eruit, 1 auto er in, anders wordt het te druk. Dit was zeker 40 minuten wachten. Door het lezen van een andere blog hadden we al wel begrepen dat dit zo werkte, maar we zijn toch niet vroeg genoeg hier. Uiteindelijk staan we rond 11 uur op de parking bij het visitor center. We kijken weer even binnen en gaan daarna twee trails lopen. We beginnen met de Hall of Mosses Trail (0.8 mile). Hier zien we het stukje regenwoud waarom Hoh Rain Forest bekend staat. Grote bomen die vol hangen met mos. De bodem is overal bedekt met grote varens. Ook kwamen we stukjes met moeras en kleine stroompjes water tegen. Het loopt hier wel lekker, zo in de schaduw.
Na deze ronde lopen we de Spruce Nature Trail (1,2 mile). Hier komen we bijna niemand tegen, het is er heel stil. Behalve dan die ene eekhoorn die lawaai zat te maken ergens op een boomstam. Je kunt in dit stuk goed zien wat er gebeurt met de omgevallen boomstammen. Bovenop deze stammen groeien namelijk weer nieuwe bomen. Heel apart om te zien.
Om tien voor één zijn we terug bij onze auto. Het was zeker de moeite waard om te zien! Nu weer op weg terug naar Forks. Hier stoppen we bij een Subway voor een broodje.

Ondertussen is het al een uur of 2. We willen ook graag nog naar de kust rijden. Dit is zo’n 20 minuten vanaf Forks. De hele kuststrook hier is Indianenreservaat. We rijden dan ook het gebied van de Quileute Indianen binnen, naar het kleine plaatsje La Push. Hier komen we in een compleet andere wereld. Het is er mistig, en de temperatuur is gezakt van 29 graden naar 17 graden! En ik nog denken dat ik zonnebrand moest gaan smeren. Maar wat is het hier mooi! Een mooi strand en grote rotsen in de zee. Overal vliegen meeuwen en pelikanen. Dat is ook Olympic National Park!
Dan zien we 2 vissersbootjes binnenkomen en we besluiten om even naar het haventje te lopen. Na een paar minuutjes zien we hem! Boven in een boom zit een American Eagle! Wauw, gaaf om te zien. We lopen er snel heen om foto’s te maken. De eagle zit op de uitkijk en blijft lekker zitten. We blijven net zo lang kijken totdat hij uiteindelijk wegvliegt. Het was al een mooie dag, maar dit vonden we de kers op de taart!


Op de terugweg stoppen we nog bij Second Beach. Hier lopen we door het bos, heuvel op en heuvel af, naar het volgende strand. Ook hier weer volop mist. Veel mensen blijven hier op het strand in hun tentje slapen.
Na al dit moois rijden we weer terug naar Forks, hier is het weer 27 graden! We gaan eten bij Pacific Pizza. Ook hier is het flink druk. Van binnen is het wel versleten boel, alle banken zijn wel ergens kapot. We moeten bijna 3 kwartier wachten op onze ‘spaghetti met meatballs’. Het smaakt prima. Nu dan toch echt naar de kamer. Het blijkt dat onze kamer niet gedaan is door de housekeeping. Is dit een nieuwe trend of zo? In Ucluelet was het ook al zo. Maar geen probleem, we hebben nog handdoeken en kunnen nog wel een nachtje vooruit.

28/07/22 Dag 6: Port Angeles – Forks

Vannacht hebben we redelijk goed geslapen, ondanks het gebrek aan een airco op onze kamer. Het koelt hier flink af ’s avonds, en aangezien we het raam open hadden gelaten, viel het allemaal mee met de warmte. We gaan ontbijten bij het motel. Je kunt weer van alles pakken, deze ochtend gaan we o.a. voor de verse wafels en yoghurtjes. Na het vullen van de koelbox met ijs rijden we naar onze eerste stop van vandaag, en dat is Olympic National Park. We zijn al heel snel bij het visitor center, hier is niet veel te zien. Wel kopen we, hoe kan het ook anders, weer een magneetje en pin van het park. We rijden door naar Hurricane Ridge. Dit is een mooie bergroute en eenmaal bovenaan heb je prachtige uitzichten op de Cascade Mountains. Aan het einde van de weg proberen we een plekje te vinden om de auto te parkeren. Na drie rondjes staat de auto en maken we even wat broodjes om mee te nemen. We gaan een stuk lopen van de Hurricane Hill trail. Het is al flink warm en het is dan ook zweten geblazen. We spuiten een mix van zonnebrand en insectenspray, een lekker vettige combi! Er zitten veel insecten, en we komen er niet helemaal heelhuids vanaf. Je moet er wat voor over hebben. We lopen steeds verder omhoog, totdat we zelfs bij een stuk sneeuw komen wat hier nog ligt. Het laatste stuk, een flinke klim in de volle zon, houden we voor gezien. Maar het is hier wel prachtig!

Weer terug bij de auto, is het eerst even afkoelen in de airco. We moeten nu dezelfde weg terug om naar Forks te rijden. We pakken de highway 101, echt een mooie weg door de bossen. Zeker het eerste stuk van de weg dat helemaal Lake Crescent volgt. We stoppen nog een paar keer om foto’s te maken. Erg mooie route! Om 3 uur zijn we al in Forks. Ook dit stadje is, net als Port Angeles, een beetje versleten boel. Overigens schijnen hier wel een paar locaties te zijn, waar gefilmd is voor de Twilight films en serie. Het welkomstbord van Forks is er blijkbaar 1 van. We besluiten om niet veel meer te doen vandaag. We gaan even zwemmen en relaxen bij het zwembad.
’s Avonds moeten we op zoek naar een restaurantje, en dat valt ook hier een beetje tegen. Maar het is wat ze zeggen: doen wat de locals doen. Dus zitten we een endje verderop in de straat bij Sully’s Burgers. Een aftands tentje, waar het heel druk is, en met hele lekkere burgers! Hierna rijden we nog een rondje door Forks. Terug bij the Forks Motel halen we een bakkie koffie in de lobby en zitten we nog even lekker buiten. Hier kan ik mooi de blog typen. Het is nu 9 uur, de zon is net gezakt en het koelt weer behoorlijk af.